Op het prachtige landgoed Baest, tussen de bossen bij Oostelbeers (NB), begon biologische coöperatie Odin in 2016 aan een uniek initiatief: een eigen biodynamische boerderij die nieuwe groentevarianten ontwikkelt, het zaad daarvan in de handel brengt en nu groenten levert aan de 41 biologische winkels van Odin. De boerderij beslaat 26 hectare, waarvan er 6 bestaan uit natuurbuffer.
Boer Teun op akkers Beersche Hoeve
Waarom begon Odin als eerste, en tot nu toe enige, winkelketen in Nederland een eigen boerderij? In 2016 kwamen twee zaken bij elkaar. Odin merkte dat biologische groenterassen steeds vaker volgens zeer kunstmatige technieken tot stand kwamen. In de toekomst zou daar misschien zelfs genetische manipulatie bij komen. Ook realiseerde het bedrijf zich dat een paar grote zaadbedrijven door patenten bepalen wat er geteeld wordt en dat zij het aantal groentevariëteiten in de winkels beperkt houden. Daar wilde het bedrijf iets aan doen.
Rond die tijd liepen biodynamische boeren Gineke de Graaf en René Groenen in hun eigen tuinbouwbedrijf in Hilvarenbeek tegen beperkingen aan. Er ontstond contact met landgoed Baest, dat in de tijd van de q-koorts op zoek was naar een biodynamisch bedrijf om hun landbouwgrond aan te verpachten. Een voorwaarde was wel dat er een grote partij achter moest staan. Zo kwam Odin in beeld en werden René en Gineke de eerste boeren van Odin-boerderij De Beersche Hoeve.
Odin was dit dé gelegenheid voor een plek waar veredeld kon worden volgens de natuurlijke principes van zaadvaste verdeling. Het zaad van deze gewassen zou dan geoogst worden en verhandeld worden. Land dat overbleef zou gebruikt worden voor groenteteelt voor Odin-winkels. René en Gineke maakten al preparaten die gebruikt worden in de biodynamische landbouw, deze activiteit werd ook meegenomen naar de nieuwe locatie.
In de jaren daarna ontwikkelde de boerderij zich sterk. Een nieuwe generatie nam het roer over, onder leiding van Teun Luijten en zijn team bestaande uit zijn vrouw Maxim Pinto, Luc Schoonen voor de zaadvermeerdering en Janneke Benschop voor de veredeling. Vrijwilliger Willem Bonger vult het team aan, samen met andere vrijwilligers en stagiairs, uitzendkrachten en loonwerkers.

Welke gewassen er worden veredeld, wordt bepaald in samenspraak met het Duitse veredelingsinstituut Kultursaat en andere partijen. Zo worden nieuwe groenterassen ontwikkeld die vervolgens door het biologische zaadbedrijf Bingenheimer Saatgut worden verkocht aan boeren door heel Europa.
Sinds een aantal jaren richt de boerderij zich op het veredelen van de oranje pompoen naar een ‘bushtype.’ Pompoenen groeien normaal in lange ranken over de bodem, wat het soms lastig maakt ze te oogsten en wat onhandig is voor volkstuinen. En soort met korte ranken is veel praktischer.

Bloeiende boekweit
Heel bijzonder is dat de boerderij een belangrijke rol speelt in het terugbrengen van de boekweitteelt in Brabant, specifiek de bijna verloren gegane Brabantse Grijze Zandboekweit. Vroeger stond Brabant vol met boekweit. Vincent van Gogh schreef er zelfs over. Medewerkers van De Beersche Hoeve ontdekten dat er nog een kleine partij Brabantse Grijze Zandboekweit in een zak stond te verstoffen. Na deze geschoond te hebben van ander boekweitzaad waarmee het vermengd was, is de ‘Brabantse Grijze’ die overbleef uitgezaaid. Nu wordt deze verder veredeld tot een variant die gebruikt kan worden door meer Brabantse boeren. De Boekweitcoöperatie steunt De Beersche Hoeve hierbij met haar expertise van dit gewas.
Boekweit is een goed rustgewas dat geen kunstmest of bestrijdingsmiddelen nodig heeft ideaal is in bufferzones bij natuurgebieden. Vandaar dat de Provincie Brabant en ook Waterschap De Dommel enthousiast werden en de veredeling en verspreiding van de Brabantse Grijze in de provincie steunen. Zo komt deze authentieke en smakelijke Brabantse boekweit weer terug in Brabant.

Oogst Gele Kamille voor verf
Toen kunstenaar Claudy Jongstra de boerderij benaderde voor de teelt van planten voor de kleurstoffen van haar wandkleden van biodynamische wol, aarzelde de Beersche Hoeve niet. Met de teelt van wede vanwege haar mooie indigoblauwe verfstof en kamille voor een helder gele kleur, droeg de boerderij eraan bij dat de oude teelt van verfplanten weer terugkwam in Nederland.
De boerderij is een plek waar Odin probeert nieuwe perspectieven tot stand te brengen op het gebied van biologische veredeling en nieuwe biodynamische teelten. Het is ook een ontmoetingsplek geworden voor Odin-leden, medewerkers en allerlei duurzame landbouwinitiatieven. Daarnaast ontwikkelt het zich steeds meer tot kenniscentrum en voorbeeldbedrijf, die steeds vaker gevonden wordt door regionale partners.
Als dochter van coöperatie Odin en met een directeur als bedrijfsleider biedt het bedrijf ook een ander perspectief op eigenaarschap. De boerderij is niet van een boer, maar van de leden van Odin. Wanneer de directeur stopt is er geen opvolgings- of overervingsproblematiek en komt er gewoon een andere directeur.

Janneke en Luc bekijken verschillende zaadsoorten
Het land van De Beersche Hoeve blijkt uitstekend geschikt te zijn voor de pompoenteelt en de teelt van stokbonen voor het zaad, daar zal zij zeker mee doorgaan. Gaat de boerderij uitbreiden? Het Brabants Landschap zou graag land van boeren rond Landgoed Baest over willen nemen. Het zou mooi zijn wanneer zij dit dan zouden willen verpachten aan De Beersche Hoeve.
Een uitdaging, ook voor veel andere boerenbedrijven, is klimaatverandering. Steeds vaker worden zeer natte periodes afgewisseld met extreme droogte en warmte. Ook zullen nieuwe investeringen veranderingen brengen. Oude gebouwen worden gesloopt en vervangen door nieuwe. De Beersche Hoeve wil ook meer zaad vermeerderen, dat ook zelf gaan schonen en wil het ook zelf gaan verkopen.
Zo kan De Beersche Hoeve ook de komende jaren blijven bijdragen aan de ontwikkeling van een echt duurzame en onafhankelijke landbouw in Nederland.