Piccalilly

Zoetzure, kruidige piccalilly is een fijn tafelzuur en helemaal niet moeilijk om te maken. Heerlijk bij stamppotten, op een broodje kaas, bij kapucijners en, hoe fijn, in zelfgemaakte piccalilly kun je allerlei restjes groente verwerken. In totaal gebruiken wij 800 gram groente.

  1. Piccalilly

Ingrediënten

  • 1/2 bloemkool
  • 150 g sperzieboontjes
  • 1 winterpeen
  • 1/2 komkommer
  • 1/2 rode paprika
  • 1 rode peper
  • 1 ui
  • 1 potje zilveruitjes (300 g)
  • 500 ml appelazijn
  • 2 tl mosterdzaad
  • 1 tl korianderzaad
  • 1 tl gemberpoeder
  • 100 g suiker
  • 1 tl kerriepoeder
  • 1 tl kurkuma
  • 30 g maïzena

Benodigdheden

  • 3 à 4 weckpotjes of jampotten, goed schoongemaakt

Porties

3 à 4 potten

Bereidingstijd

-

Voorbereidingstijd

-

Totale tijd

40 minuten

Bereiding

  1. Snij de bloemkool in hele kleine roosjes en alle andere groente in piepkleine blokjes (brunoise). De zilveruitjes laat je heel.
  2. Kook de bloemkool, sperziebonen en winterpeen beetgaar. Giet af, spoel met koud water en laat uitlekken in een zeef.
  3. Breng de appelazijn met mosterdzaad, korianderzaad, gember, suiker, kerrie en kurkuma aan de kook.
  4. Roer de maïzena met 4 el koud water tot een glad papje. Roer het papje met een garde door het specerijenmengsel in de pan. Breng het weer even aan de kook zodat het bindt.
  5. Meng alles door elkaar. Breng indien nodig op smaak met peper en zout.
  6. Schep de piccalilly in goed schoongemaakte weckpotten. De smaak ontwikkelt zich nog, maar je kunt het in principe direct eten. Als je ervan af kunt blijven en de potjes goed afgesloten in de koelkast bewaart, smaakt het na ongeveer 3-4 weken nog lekkerder!

Porties

3 à 4 potten

Bereidingstijd

-

Voorbereidingstijd

-

Totale tijd

40 minuten

Winkelmand

Je winkelmand is leeg.

Bestellen