Sluiten

Nasi goreng

  1. Nasi goreng

200 g rijst 

200 g resten van vlees, kip, ham of garnalen of 250 g los gebakken gehakt 

1 eieren 

olie 

150 g groenten (taugé, kool en prei) of 50 g taugé en 2 pakjes soepgroente 

100 g fijngesneden uien 

1 teentjes gesnipperde knoflook 

1/2 el gehakte selderij 

1/2 el gehakte bieslook 

1/2 of 1 tl sambal trassi 

1/2 á 1 el ketjap zout 

Kook de rijst zo droog mogelijk. Alleen van goed droog gekookte rijst is lekkere nasi goreng te bereiden. Laat het van tevoren uitdampen en afkoelen. U kunt ook koude rijst van de vorige dag gebruiken (zelfs beter). Bak in wat olie de uien en knoflook tot de uien geel zijn. Voeg er de diverse restjes (of los gebakken gehakt) aan toe en fruit alles nog even door. Bak daarna de groente nog even mee, maar probeer ze knapperige te houden. Werk het onderste in de pan goed naar boven en voeg in kleine hoeveelheden de rijst toe tot de gehele massa goed warm en opgebakken is. Maak het gerecht af met sambal en ketjap. Roer er vlak voor het opdienen de selderij en bieslook door. Maak van tevoren een omelet van 1/2 eieren, aan beide kanten gebakken en opgerold. Laat hem iets afkoelen en snijd hem met een scherp mes in ragfijne reepjes. Garneer de nasi goreng met deze reepjes omelet en met tot waaiertjes gesneden augurkjes en zure uitjes. Serveer er atjar tjampoer, piccalilly, tomaten ketchup en kroepoek oedang bij.

Porties

-

Bereidingstijd

-

Voorbereidingstijd

-

Totale tijd

-

Winkelmand

Je winkelmand is leeg.

Bestellen